vrijdag 27 mei 2016

Analyse van een sprint (deel 2)

In mijn vorige artikel suggereerde ik dat wanneer Sagan in de sprint zijn ellebogen wat naar binnen zou trekken, hij al veel sneller zou kunnen sprinten, mits zijn vermogen gelijk blijft. Deze hypothese is lastig te bewijzen zonder vergelijkingsmateriaal. Nu is er een andere renner die het afgelopen jaar zijn sprintpositie duidelijk heeft aangepast in de zoektocht naar meer snelheid. Het gaat hier om talentvolle spurtbom Caleb Ewan. Hij is pas 21 jaar, maar heeft al een behoorlijk palmares opgebouwd. Begin dit jaar baarde hij opzien door in de eerste Australische koersen een op het oog aerodynamische, maar ook riskante houding aan te nemen in de sprint.


Terug naar een jaar eerder: Tour of Turkey, eerste etappe. Ewan legt het hier af in de sprint tegen Cavendish. Op dezelfde manier als in mijn vorige artikel kunnen we van beiden het frontaal oppervlak schatten en daarmee ook hun benodigd vermogen bepalen.
De twee klasbakken zijn aan elkaar gewaagd, zoveel is duidelijk. Het benodigd vermogen bij een snelheid van 65 km/u zonder wind, met een luchtdichtheid van 1,2 kg/m3  en een Cd-waarde van 0,707 verschilt nauwelijks. Wie niet sterk is moet slim zijn, moet Caleb gedacht hebben. Op het wereldwijde web zijn foto's te vinden van Caleb in de windtunnel in sprintpositie. Je kunt dus zeggen dat hij er mee aan de slag is gegaan.
 
Dit resulteerde in de volgende sprinthouding, waarbij zijn schouders bijna op zijn stuur liggen. Hier klopt hij Renshaw, Wippert en Kump in de eerste etappe in de Tour Down Under 2016. Ook hiervan kunnen we zijn frontaal oppervlak bepalen.

 Zetten we nu de gegevens van beide foto's naast elkaar komen we tot het volgende:


84 Watt verschil is niet te verwaarlozen. Er zitten uiteraard wel wat risico's aan deze sprinthouding. Hij heeft alle ruimte nodig, want echt stabiel is het niet. Een schouderduw of ander contact met een concurrent kan hij moeilijk opvangen. Hij moet ontzettend goed letten op zijn balans omdat met het lichaamsgewicht zo ver naar voren, het achterwiel makkelijk door zal slippen. Op een aankomst met klinkers zal dit dus niet zo goed werken omdat het achterwiel dan sneller zal gaan stuiteren. Het is dus een zeer specifieke houding, die in de juiste omstandigheden wel winst op kan leveren. Je moet er alleen wel goed op trainen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten